Sessie 8 - Jusqu'ici, tout va bien
- Locatie en plaats: bij de DM, 19 september 2025
- Aanwezig: Thormund, Zercon
- Afwezig: Lühü, Nestor
- Op zijqueeste: Calpurnia, Lorenzo
De Gourmands brengen een bezoek aan de Slangenbibliotheek. Bibliothecaris Carniola tovert het object met een letterlijke vingerknip tevoorschijn. Er wordt gevochten met racisten, een misdaad wordt opgehelderd en er wordt serieus wat gezopen.
Na het ontbijt met de Ambassadeur besluit de groep om een bezoek te brengen aan de Slangenbibliotheek. Onderweg passeren ze weer aan de Galg, waar een executie plaatsvindt voor een man die een doodskist heeft proberen pijpen. Alagadda blijft bevreemden. Even verderop is de toegang tot het Lazuli-kanaal vanaf het Tranenkanaal geblokkeerd door gondels van de Zilverjassen, dus blijft Nestor bij de gondel wachten en gaan de anderen te voet verder. Niet ver van de grote, hoge brug over het Lazuli-kanaal komt de dronkaard van gisteren verhaal halen (hij is opnieuw, of nog steeds dronken) en beschuldigt hij de Gourmands ervan zijn optreden totaal verpest te hebben in het Teatro. Hij zwaait met een scherpe griffel. Zercon daagt de man verder uit, laat hem dichterbij komen en duwt hem dan met zijn schild in het water. Omstaanders kijken toe en lachen de man uit, wat zijn vernedering nog verergert. Na te checken of de man kan zwemmen, steken de Gourmands doodgemoedereerd de brug over.
Via een
voetweg langs de kade van het Inktkanaal komen ze bij de Slangenbibliotheek,
maar het reptilliaanse gebouw was al lang in zicht. Grote, gebeeldhouwde
slangen cirkelen om het gebouw heen en fungeren ook als trappen voor de toegang
naar hogere verdiepingen, maar de Gourmands hebben al die toegang verzekerd met
de Magmasleutel die ze van Marco Grillo in bruikleen gekregen hebben. Het plein
om de bibliotheek heen is groot en achthoekig, en voor elk van de acht ingangen
staat een groot beeldhouwwerk dat gewijd is aan de Gehangen Koning. De groep is
geïnteresseerd in de betekenis van de standbeelden en spreekt een kalende man
aan die met boekrollen onder de arm ook afstapt op de bibliotheek. Die heet Luca
Piezo en is een docent aan de Universiteit van Gefluister. De standbeelden
beelden fases af uit het leven van de Gehangen Koning: zijn strijd tegen de Bleke
Leviathan om suprematie over het gebied dat later Alagadda zou worden, zijn
vrouw en twee kinderen – de Gouden Prins en La Principessa – zijn
magische kunsten (weergegeven door vier bolvormige lampen die wit, geel, rood
en zwart licht verspreiden), zijn ophanging, zijn afdaling in de onderwereld en
consumptie door demonen en zijn verhoopte terugkeer uit de doden. Zercon heeft
gehoord dat over het eerste standbeeld wrijven geluk brengt, dus doet hij dat.
Thormund voelt zich ongemakkelijk bij het beeld van een enorme demonische hand
die de Koning neerdrukt en denkt terug aan zijn nachtmerrie in Lluskan.
De acht
ingangen komen eigenlijk allemaal op dezelfde plaats uit: een grote,
mahoniehouten balie waar diverse erg deftig geklede homunculi werken, met
daarachter een glazen dubbele deur die leidt naar de Grote Leeszaal. Luca Piezo
wijst de bezoekers op een plakkaat waar de regels van de bib staan. Ze mogen
niet over de schouder van andere bezoekers meelezen, geen lawaai maken, het
personeel respecteren en in het gebouw ook niet eten, drinken of hun gevoeg
doen. “Net nu ik van plan was in een bib te schijten,” merkt Thormund
sarcastisch op. Een homunculus controleert de Magmasleutel en laat het
gezelschap de Leeszaal binnen. De Leeszaal is wel 300m², met grote leestafels
waar diverse bezoekers in stilte werken en lezen, met een lampje dat boven hun
hoofd zweeft. Homunculi lopen af en aan met boeken en boekrollen. In het midden
van de ruimte zijn twee cilindrische pilaren met liften. Zercon en Thormund,
met stip de minst subtiele Gourmands, maken een beetje ruzie over wat ze hier
komen doen: Zercon is kennelijk vergeten dat ze de locatie van de Karnende Kelk
al kennen en moeten zoeken naar de specifieke spreuk die het ding vanonder de
Ashoop kan halen, en stelt voortdurend ongelovige vragen waaruit dat blijkt.
Sommige patroons storen zich aan de luide bezoekers en een homunculus komt al
gekrenkt vragen of het niet wat stiller kan. De Gourmands binden in en gaan
naar de lift. Daar blijkt dat de Magmasleutel hen toegang geeft tot en met het
derde verdiep, maar er zijn twee derde verdiepen: het derde van De Vierde,
en het derde van Carniola. Omdat de groep niet wil vertellen aan de
piccolo wat ze precies zoeken, kiezen ze op goed geluk voor een bezoek aan
Carniola.
Vlammen
schieten door de lift (ze doen niemand pijn) en de groep komt uit in een kamer
die ze lijken te herkennen. Deze bibliotheek is identiek aan de studieruimte
die ze zijn tegengekomen in de Toren van Overdaad op Lluskan, maar in plaats
van gebroken vensters, door waterschade aangetaste boeken en omver gehaalde
rekken zien ze hier volle boekenrekken, trolleys met likeuren en een brandend
haardvuur met groene fluwelen zetels. In één van die zetels zit een oude orkse
dame met een leesbril. Ze begroet de bezoekers en schuifelt naar voren. Ze
stelt vast dat op Nestor na iedereen uit Toril komt en kan zelfs vrij goed
raden vanwaar precies, en zegt dat ze dat weet omdat ze zelf
oorspronkelijk van Toril komt. Zij was ooit Malvas, de piratenkapitein die de
Toren van Overdaad bouwde en 200 jaar geleden naar Alagadda verkaste, waar ze
vrouw werd en waar haar dochter later I Sfumati oprichtte.
De
Gourmands krijgen allemaal een druppel aangeboden en vertellen waarvoor ze
komen. Carniola weet wat de Karnende Kelk is maar wist niet waar het object
was. Nu ze dat weet, knipt ze met haar vingers en met een diepe bons ploft de
enorme kelk op het parket van haar studiezaal. De groep is een beetje verbluft.
Carniola, die inmiddels weet dat de Gourmands de dag erop verwacht worden op
een soireé bij de Ambassadeur, belooft dat ze de Kelk voor zijn deur kan
teleporteren als iemand een pendant activeert – Thormund doet die om en vraagt
over de zekerheid of de Kelk niet op hem gaat terecht komen. Dat zal niet het
geval zijn. Zercon vraagt de oude orkse nog om advies om het hier in Alagadda
te maken. Carniola zegt dat in Alagadda heel veel mogelijk is: je kan heel fel
stijgen, maar ook zeer diep vallen. Het beste is om een goede patron te vinden,
je talenten te gelde te maken of iets kunnen wat niemand anders kan. Ze
demonstreert ook nog vanop een trapladdertje de krachten van de Kelk door haar
elixir d’Alagadda te veranderen in Sassenois-schuimwijn. Zercon vraagt en
krijgt daar een overheerlijk glas van. De Gourmands vragen dan of Carniola dit
werkelijk allemaal voor niets doet, maar ze zegt dat ze graag mede-Torillianen
helpt. Misschien komt er eens een dag dat ze een gunst van hen inroept. Ze
polst nog even naar eventuele bibliothecaire ambities bij de bezoekers, maar
switcht dan naar nog een geschenk: een roestig kromzwaard dat ze ooit gebruikte
in haar dagen van piraterij. Thormund neemt het in ontvangst.
Nog
altijd wat verbaasd maar tevreden verlaten de Gourmands de Slangenbibliotheek,
eerst door de lift (weer de steekvlam!) en dan naar buiten. Ze banen zich een
weg terug over de brug naar het Tranenkanaal waar Nestor op hen wacht en
ingelicht wordt over hoe het gegaan is. Zercon suggereert dat ze nu misschien
eens Laura Bozzo kunnen helpen die haar ogen kwijt was en daarover Gustavo aan
de tand voelen. De kortste weg naar Iuliana’s over het water wordt echter nog
steeds geblokkeerd door de Zilverjassen. Die informeren de groep dat er een
jonge bleke leviathan is gesignaleerd in het Lazuli-kanaal en dat ze hen
weliswaar willen laten passeren, maar op eigen risico (en ze denken daar
duidelijk ook het hunne van). Nestor berekent dat een omweg de Gourmands drie à
vier uur zal kosten, maar dat vinden ze eigenlijk niet zo erg.
Via het
Luna-kanaal vaart de groep Giordano’s Brandende Wijk binnen. De wijk oogt nog
even gesloten en armoedig als voorheen, maar de hitte is er weg en de vreemde
sensatie dat tijd verloopt in horten en stoten ook. Er zijn geen andere gondels
op het kanaal, en in de verte kunnen ze de Luna-toren al zien, met het
opgeblazen dak en nog enkele grote glasscherven die overeind staan. Na een
tijdje merken ze dat ze stiekem langs de kade gevolgd worden door mannen in het
zwart, die verdwijnen en dan weer opduiken aan de samenvloeiing van diverse
kanalen aan de Luna-toren. Ze lijken op de bandieten die hen eerder belaagden
op de begraafplaats en komen op een gondel de richting uit van de groep, pijlen
schietend. Daya springt aan boord van de gondel van de tegenstanders en zowel
Thormund als Zercon teleporteren. Het gevecht ontaardt in een beestachtige
slachtpartij. De belagers spuwen en grommen dat ze “die vreemden” een lesje
willen leren, maar het draait al snel anders uit. Twee vlammengolven van Zercon
schroeien zowat iedereen (ook Thormund en Daya), Daya doorsteekt een oogbol en
Thormund klieft de aanvoerder in tweeën. Beide helften vallen in het water, met
luchtbubbeltjes waar de darmen nog even blijven zweven. Zercon slaat één
bandiet overboord en een laatste probeert zich zwemmend uit de voeten te maken
terwijl Thormund met het botte uiteinde van zijn bijl een al dode rabauw verwerkt
tot preparé. Nestor kijkt een beetje geschokt toe vanop afstand. Voor Lühü is
het gewoon zondag.
Zercon
vat de zwemmende bandiet bij zijn kraag en ondervraagt hem hardhandig,
afgewisseld tussen waterboarding, omdat hij ervan overtuigd is dat deze
dommekloten werkten voor een hogere macht. De boef herhaalt gewoon zijn
xenofobe opmerkingen, zij het met steeds minder brio. Daya and Thormund weten
Zercon er ten langen leste van de overtuigen dat dit gewoon idioten zijn, en
tijdens een donderpreek van de satyr kiest de bandiet weer de benen, plonst in
het water en zwemt weg.
De Sylvia
zet haar weg verder en passeert naar Iuliana’s weer de Slangenbibliotheek,
ditmaal vanop het water. Als het gezelschap arriveert in de herberg worden ze
weer begroet door de uitbaatster en laten ze zich verleiden tot weer een
proevertje van de boomgaard. Zercon eet een grappige aardappel en voelt dat
welk gelukske hij ook opgeraapt heeft aan het standbeeld, weg is. Daya eet een
rechte banaan en krijgt +1 max HP. Thormund eet vlierbessen die smaken naar
oude mensen en hoort direct zeurderige stemmetjes in z’n hoofd. Daarna
installeren ze zich aan een tafel om te wachten op Gustavo. Er wordt
geaperitiefd en kaas gegeten. Thormund neemt een kamer om zich op te frissen en
te wassen na zijn bestiale razernij.
Reacties
Een reactie posten